blaasgruis en plasproblemen bij katers  

Nogal wat katten krijgen in hun leven een keer een blaasontsteking.
Dan zit de kat veelvuldig op de bak, graaft zich een ongeluk en zit voortdurend te persen. Vaak is het kleine beetje urine dat hij of zij uitperst bloederig. Dit is vervelend, maar niet dramatisch; u moet op het eerstvolgende spreekuur even bij ons komen met het slachtoffer; dan maken we hem of haar weer beter.

Soms zit de kat alleen maar op de bak te persen, maar komt er niets.
Dan kan uw kater (het zijn altijd katers!) verstopt zitten. Wat is er gebeurd? Er is blaasgruis in de urine ontstaan, dat samen met afgestorven blaaswandcellen een propje gevormd heeft dat in het nauwe gedeelte van de urineleider (in de penis) is vastgelopen – als een kurk op een fles. De kat kan nu helemaal niet meer plassen (gek genoeg noemen dierenartsen dat een “plaskater”).

De nieren maken aanvankelijk nog wel braaf urine, die naar de urineblaas wordt afgevoerd. Het gevolg is dat de blaas steeds groter wordt en de druk in de blaas oploopt. Het gevolg daarvan is weer dat de nieren de urine niet meer aan de blaas kwijt kunnen raken; de nieren stoppen met hun ontgiftende werking en de kat begint een acute niervergiftiging te krijgen.

Binnen een dag na het verstoppen wordt de kater sloom, hij gaat braken, de temperatuur daalt en de kat sterft na 2 tot 3 dagen. We spreken hier dus over één van de meest gevaarlijke aandoeningen die bij een kater mogelijk zijn!
(bij poezen komt het nooit voor, omdat de urine-afvoergang van een poes veel wijder en elastischer is). U moet dus, als u merkt dat uw kat niet meer plast, altijd zo snel mogelijk naar uw dierenarts of diens vervanger!

Extra verwarrend is dat het soms moeilijk is om te onderscheiden of uw kat heel vaak hele kleine beetjes plast (alleen blaasontsteking) of dat er helemaal niets meer uitkomt (plaskater!). In dat geval moet u altijd het zekere voor het onzekere nemen en een dierenarts opzoeken.

De dierenarts gaat proberen de verstopping op te heffen met een klein metalen kathetertje. Soms lukt dat, soms niet.

Als het lukt moet de kat verder tegen de ontsteking behandeld worden en in het vervolg, de rest van zijn leven, speciaal blaasgruisdieet voorgezet krijgen; er is een grote kans dat het probleem niet meer terugkomt.

Als er toch recidive optreedt of als het niet lukt om de verstopping op te heffen, blijft er redelijkerwijze maar een oplossing over: een operatie.
Die operatie heet heel toepasselijk: penisamputatie. Dat klinkt niet zo vrolijk, maar het is de enige manier om uw kat te redden en psychische schade loopt hij er echt niet van op, dus het lijkt erger dan het is………

De operatie
De operatie is precisiewerk, en daarmee een kolfje naar de hand van dokter Geerling, die het – technisch gesproken – een uitdaging vindt om weer een mooi werkstukje af te leveren.

De resultaten zijn uitstekend te noemen; slechts sporadisch (bij 2 % van de gevallen) gaat er iets mis. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat wanneer het mis gaat (hartstilstand tijdens de operatie t.g.v. niervergiftiging, wondinfecties en necrose na de operatie) dat bijna altijd tot de dood van de kat leidt, maar gezien het feit dat hij zonder operatie sowieso zou overlijden is dat getal van 1 op 50 toch gunstig, hoe onaangenaam het ook is als het uitgerekend uw kat betreft…...

De operatie bestaat er uit dat we de penis – bij katers toch al niet zo indrukwekkend – verwijderen; het gedeelte van de urineleider dat wijd is hechten we aan de huid, vlak onder de anus, zodat de kater als een volwaardige transsexueel uit de operatie tevoorschijn komt (zie foto’s).
De blaasspier (sfincter) blijft intact, zodat de kater gewoon zindelijk blijft;
Het enige verschil is dat hij in de toekomst (vrijwel) geen kans meer heeft op verstopping – en als het haar weer is aangegroeid moet u 3 keer kijken om te zien dat het toch echt ooit een kater geweest is…....

Het is dus een zeer dankbare operatie, want hij redt levens!
Wij houden de kat altijd een paar dagen; hij moet intensief nabehandeld worden.